Neem contact op met
Huisartsen OZL
Manager Chronische Zorg
Joep Barrois
T. 045 - 747 00 46
j.barrois@hozl.nl
Neem contact op met
Huisartsen OZL
Coördinator Ketenzorg
Samira Guerrouj
T. 045 - 747 00 40
s.guerrouj@hozl.nl
Neem contact op met
Huisartsen OZL
Coördinator Ketenzorg
Rowen Bours
T. 045 - 747 00 40
r.bours@hozl.nl
Neem contact op met
Huisartsen OZL
Coördinator Ketenzorg
Janneke Eckhardt
T. 045 - 747 00 40
j.eckhardt@hozl.nl
Neem contact op met
Huisartsen OZL
Coördinator Ketenzorg
Kim Jaegers
T. 045 - 747 00 40
k.jaegers@hozl.nl

Wat is CVRM?

Hart- en Vaatziekten (HVZ) behoren nog steeds tot de ziektebeelden die de hoogste ziektelast in Nederland veroorzaken. Naar ruwe schatting zijn er circa 1 miljoen personen met HVZ in Nederland. Leeftijd is de sterkste voorspeller van het risico op HVZ. De belangrijke risicofactoren naast leeftijd en geslacht zijn roken, verhoogd cholesterol, hoge bloeddruk, overgewicht, diabetes mellitus (suikerziekte) en reumatoïde artritis.
Bij een verhoogd risico op HVZ start een behandeling voor het verlagen van dit risico. Het naleven van een goede leefstijl is belangrijk: voldoende bewegen, gezond eten en niet roken verlagen het risico op hart- en vaatziekten. Pas als deze gezonde leefstijl uw risico niet voldoende verlaagt, wordt gestart met medicatie. Medicatie kan gegeven worden om bijvoorbeeld uw cholesterol of bloeddruk te verlagen. De crux van goed risicomanagement is een partnerschap tussen de patiënt en het behandelteam, waarbij de patiënt een centrale rol vervult.

Zorgverleners

De huisarts
De huisarts stelt vast wanneer er sprake is van een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en licht de patiënt hierover in. Op basis van de resultaten van het onderzoek, wordt er samen met de patiënt een behandelplan afgesproken. In dit behandelplan kunnen afspraken gemaakt worden over voorlichting door bijvoorbeeld de praktijkondersteuner. Daarnaast kan het voorkomen dat in het behandelplan ook afspraken over leefstijl of medicatie worden gemaakt.
De jaarlijkse controles zal de huisarts (gedeeltelijk) laten uitvoeren door de praktijkondersteuner of doktersassistente. Het lichamelijk onderzoek wordt wel door de huisarts zelf verricht.
Als de huisarts en zijn team de situatie van de patiënt te gecompliceerd vinden kunnen ze patiënt doorverwijzen naar de cardioloog. Dat kan zijn voor eenmalig advies maar ook ter overname van de behandeling. De huisarts is eindverantwoordelijk voor alle zorg die de patiënten met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten krijgen zolang ze onder zijn hoede zijn.

De doktersassistente
De doktersassistente maakt afspraken en regelt het spreekuur. Patiënten die de afspraak zijn vergeten worden door haar opgeroepen. Vaak verzorgt zij de herhaalrecepten. In veel praktijken wordt de assistente ook ingeschakeld bij het maken van een ECG (hartfilmpje) of het meten van een bloeddruk.

De praktijkondersteuner
De praktijkondersteuner controleert de patiënt in opdracht van de huisarts. De nadruk ligt op het voorkomen van hart- en vaatziekten. Daarom geeft de praktijkondersteuner leefstijladviezen die gericht zijn op stoppen met roken, voeding en beweging. De praktijkondersteuner is de vraagbaak waar de patiënten met al hun vragen en problemen terechtkunnen.
 
Cardioloog
Soms is het nodig voor de huisarts om overleg te hebben met een specialist. Op elk gewenst moment kan de huisarts advies inwinnen bij de cardioloog. Zo kan de patiënt zo lang mogelijk bij de huisartsenpraktijk blijven zonder dat er een doorverwijzing naar de specialist dient plaats te vinden. Bij patiënten met een hart- of vaatprobleem kan de cardioloog aangeven dat het beter is als de patiënt in het ziekenhuis wordt behandeld. Patiënten die al een hart- of vaatziekte hebben, kunnen voor verdere controle teruggestuurd worden naar de huisarts. Dit gebeurt alleen op het moment dat de cardioloog dat verantwoord vindt.

Een overzicht van gecontracteerde externe zorgverleners vindt u hier.